Kamp Amersfoort spoort nabestaanden gefusilleerden op

De 87-jarige Harry Rozendaal komt er speciaal voor over uit Canada: de herdenking die Kamp Amersfoort organiseert voor de 31 mannen die precies 75 jaar geleden werden gefusilleerd op de Leusderheide. Voor het eerst bezoekt hij het kamp waar zijn vader voorafgaand aan zijn executie maandenlang gevangen zat.

Zijn vader Joseph Jacob Rozendaal uit Rotterdam werd op 39-jarige leeftijd door de bezetter om het leven gebracht. Na de oorlog werd zijn stoffelijk overschot gevonden in een kuil op de Leusderheide, een van de grootste executieplekken van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De moeder van Rozendaal, Catharina Wolffers, zat evenals haar man in het verzet. Ze werd opgepakt en stierf op 22 oktober 1943 in vernietigingskamp Auschwitz. De afscheidsbrief van haar man had ze mee. Zoon Harry en de twee andere kinderen van Joseph Jacob en Catharina overleefden de oorlog.

Rozendaal brengt vrijdag 29 december voor het eerst een bezoek aan Kamp Amersfoort. Zijn jongere zuster Lieselotte is te broos om de oversteek te maken. De herdenking begint om 13.30 uur en bestaat uit het voorlezen van een aantal afscheidsbrieven, een bloemlegging en een minuut stilte. Daarna is gelegenheid om deel te nemen aan een rondleiding bij Kamp Amersfoort.

Ook nabestaanden van vijftien andere slachtoffers wonen de herdenking bij. Ze zijn met meer dan honderd. Onder hen bevindt zich ook de 91-jarige zus van Andries Stemerding. Ze liep na de oorlog met haar vader van Zeist naar Amersfoort om haar broer aan de hand van een broekspijp te identificeren.

De fusillering had enorme impact op veel families. De gewelddadige dood van Izak Sies uit Rotterdam, die nooit kinderen zou krijgen, bracht zijn drie broers ertoe elk een zoon Izak te noemen. Deze zoons nemen allen deel aan de herdenking.

De dood en afscheidsbrief van Klaas Kaspers, geboren op Terschelling, namen zijn enige broer zo in beslag dat hij om los te komen uiteindelijk de brief verbrandde. Diens dochter woont de herdenking bij.

De weduwe van Binne Veenstra, geboren in Heerenveen, bleef de rest van haar leven ongehuwd en werd zestig jaar na de dood van haar man bij hem begraven in Assen. Een neef, die zijn zoon Binne noemde, komt naar de herdenking.

In sommige gezinnen viel er slechts een ongemakkelijke stilte als het over vader of opa ging. De kleinkinderen van Gerrit Willem Surquin uit Velp hebben pas deze maand, nadat ze door Kamp Amersfoort waren getraceerd, de afscheidsbrief van hun grootvader gelezen, omdat er na de oorlog uit angst voor heftige emoties niet meer over werd gesproken.

Sommigen vinden een bezoek aan het voormalige kamp te zwaar. Want ook na 75 jaar zijn niet alle wonden geheeld.

Van de 31 verzetsmannen waren de meesten afkomstig uit Rotterdam en omgeving. Dertien waren lid van de Leeuwengarde en ter dood veroordeeld wegens hulp aan de vijand, sabotage, spionage en verboden wapenbezit. De zeven leden van de Nederlandse Volksmilitie waren veroordeeld wegens (mislukte) aanslagen rond Rotterdam. De tien leden van de CPN vormden de eerste groep die ter dood werd veroordeeld voor het maken, drukken en verspreiden van een verzetskrant (De Waarheid). Eén slachtoffer is nooit geïdentificeerd.