Foto Paul van Montfort

In het bezoekerscentrum van Kamp Amersfoort is zondag het boek Mijn NSB Opa gepresenteerd. De vader van schrijver Paul Strack van Schijndel zat gevangen in Kamp Amersfoort, terwijl zijn opa er na de oorlog als NSB’er werd geïnterneerd.

Mijn NSB Opa vertelt het verhaal van de arbeidsongeschikte marineofficier Karel Strack van Schijndel. In het begin van de oorlog kiest hij de Duitse zijde en wordt lid van de NSB. Zijn oudste zoon meldt zich als vrijwilliger bij de SS en sneuvelt in Rusland. Zelf werkt de man voor de Duitse Kriegsmarine. Zijn specialiteit: linoleumvloeren leggen in Duitse onderzeeboten. Direct na de oorlog wordt hij opgepakt, belandt in Kamp Amersfoort en wordt veroordeeld.

Foto Paul van Montfort

De non-fictie roman is niet alleen een geschiedenis van een foute familie in oorlogstijd. Het is vooral een speurtocht naar dit foute verleden; een zoektocht die de auteur enkel kon maken omdat zijn bijna negentig jaar oude vader, na een leven van zwijgen, de laatste jaren koos mee te werken.

Historicus Maarten van Rossem schreef het voorwoord : ,,Dit verhaal wijkt fundamenteel af van het bekende, tragische verhaal van de kinderen van NSB’ers. Het is een zeer leesbare en bijzondere familie¬geschiedenis.”

Op 28 februari 1963, bijna achttien jaar na de oorlog, ondertekent Karel Strack van Schijndel een verklaring die hem omgerekend 480 euro oplevert. Hij dankt dit bedrag aan vijftien jaar juridische strijd. Nu, in 2018, ontvangt Nationaal Monument Kamp Amersfoort voor elk verkocht exemplaar van Mijn NSB-opa twee euro. De auteur, kleinzoon van Karel, wil hiermee symbolisch het foute boek dichtslaan. ,,Dat geld moet terug”, aldus Paul Strack van Schijndel. ,,Aan onze familie mag geen oorlogsgeld kleven.”